"Elk medium heeft zijn eigen dynamiek. Wij willen die niet mengen". Dit is het geloof dat Persgroep-voorman Van Thillo belijdt (en dat hij ook tijdens het laatste Nationaal Uitgevers Congres in juni heeft uitgedragen). App-ontwikkelaars komen nu tot dezelfde conclusie.


De tablet dankt zijn succes vooral aan de supervriendelijke ontsluiting van kranten, tijdschriften, boeken, fotografie, en zelfs van video. Dat is mede de reden waarom apps zo snel zijn geaccepteerd door de vakmensen van de klassieke media. Hun medium verdwijnt niet, het wordt op een tablet zelfs nog sprankelender gepresenteerd.


Maar een krant is een krant en een tablet is een tablet. Dat blijft een essentieel verschil.


Niet dat Van Thillo vies is van multimedia. Zijn Persgroep gaat bewust over van een zuivere print publishingcompany naar een multimedia publishingcompany. "Maar", zegt hij, "onze abonnees besteden doordeweeks gemiddeld 29 tot 41 minuten aan het lezen van hun krant In het weekend loopt dit op naar een gemiddelde leesduur van 59 tot 108 minuten. De krant is nog een dagproduct dat dagelijks van de persen rolt en bij de mensen thuis wordt bezorgd. Krant en internet zijn totaal verschillende media met andere ritmes en andere vereiste journalistieke vaardigheden."
Dat klinkt alsof we alles bij het oude kunnen laten en alle crossmediastrategieën overboord kunnen zetten. Dat laatste valt nog te bezien. Maar een feit is, dat we weer vrijuit praten over multimediaal uitgeven -meerdere media naast elkaar-, terwijl we dat nog maar kort geleden al hadden ingeruild voor een crossmediale strategie (mediaïntegratie onder één mediamerk).


Een interessante verklaring hiervoor is recentelijk gepost door Matt Gemmell, een Schotse webontwikkelaar die op zijn blog veel publiceert over interactiondesign.
In zijn veelbesproken artikel stelt hij vast dat bij elke integratie van een ‘tool' in complexere omgeving compromissen moeten worden gesloten ten koste van het gebruiksgemak. Hij demonstreert de calculator als voorbeeld. Wie een zakjapanner in handen houdt snapt onmiddellijk waar het ding voor dient en wat de belangrijkste functies zijn. Er is sprake van directe interactie. Als we van zo'n calculator een native app op een tablet of een smartphone maken dan moet de gebruiker niet alleen die functietoetsen van de calculator begrijpen, maar ook nog eens de bedieningnavigatie van die app op het mobiele toestel. Je reikt als het ware door een venster naar je virtuele calculator.
Wanneer die calculatorapp vervolgens ook nog eens als webapplicatie in de omgeving van een webbrowser draait (en veel uitgevers overwegen dit bijvoorbeeld om aan de voorschriften en de 30-procent-haircut van Steve Jobs te ontsnappen) dan voeg je d aar nog de bedieningslaag van de browser aan toe. Plastisch omschrijft Gemmell dit als een gebruiker die zijn armen door een venster steekt (de bedieningssoftware van het mobiel) om met zijn handen in een doos (de browser) zijn applicatie (de calculator) te bedienen. Je doorloopt dan drie lagen van interactie, drie stadia van compromissen die interactiedesigners hebben moeten sluiten om een tastbaar apparaat te transformeren in een virtueel toestel op een internet platform. "En dat", zo schrijft hij, "terwijl de psychologie van de gebruiker juist is ingesteld op ‘one tool per task'".


Van Thillo gelooft heilig in compromisloze toewijding aan het afzonderlijke medium'tool'. Of het nu een krant is of een internetpublicatie. Hij krijgt gelijk van Matt Gemmell die onze ogen opent voor alle ruis rondom een schermmedium.Maar ook huis-tuin-en-keukengebruikers gaan door een leerproces.Dat verklaart het succes van de iPad.'The iPad is a computer for people who don't like computers', schreef vorig jaar de blogger van het artikel: ‘Why my Mom's next computer is an iPad'. Er zijn nog weinig andere tablets die zich kunnen meten met dit concurrentievoordeel van Apple. Uitgevers zullen moeten aanvaarden dat het respect voor hun klanten het moet winnen van hun afkeer van Steve Jobs.

Naschrift:  Op 24 augustus 2011 heeft Steve  Jobs zijn vertrek als CEO van Apple bekendgemaakt. De New York Times kenschetst hem als een van de meest succesvolle CEO’s in de bedrijfsgeschiedenis. Zijn invloed reikt terug tot de beginperiode van de personal computer, maar voor de uitgeverij heeft hij, sinds in 2007 zijn iPhone, en in 2010 de iPad op de markt verschenen, een geheel nieuw perspectief van mobiel uitgeven geschapen.