Toen NRC Handelsblad dit jaar de ‘ganzevoetjes' als z'n nieuwe logo introduceerde (ook voor NRC Next) zaten we plotseling middenin een eeuwenoude typografische traditie. Het ganzevoetje is het Franse aanhalingsteken ‘guillemet' > in dubbele uitvoering >>. De aaibaarheid van dat voetje heeft op mij een betoverende uitwerking. Letters hebben net zo'n eigen wezen als mensen.

Mijn letterleermeester is Gerard Unger, nu hoogleraar Typografie aan de kunstenfaculteit in Leiden. Ik heb Unger zo'n twintig jaar geleden meegemaakt toen ik voor Adformatie een restylingsteam mocht formeren met Gerard Unger, Paul Mertz en Joop Swart. Ja, van mijn toenmalige baas Cees Steur mocht een restyling wat kosten. Naast het bladontwerp tekende Unger ook een nieuwe masthead die nog steeds de voorpagina van Adformatie domineert. Hij bouwde voort op het ontwerp van de eerste Adformatie uit 1973 door Louis Swart. Omdat het blad uitpuilde van journalistiek reclamenieuws besloot Louis Swart destijds dat de titel dit ook grafisch moest uitbeelden. Hij brak gewoon de poot van de eerste letter af. Zo ontstond afgebroken A van Adformatie. Ik bid en smeek dat de huidige hoofdredactie en vormgeving deze brandstory in ere zullen houden.

Unger heeft wereldwijde roem vergaard met zijn verbetering en efficiency van de krantenletter, met name zijn letterfont ‘Swift' is door veel gerenommeerde kranten toegepast. En de Volkskrant gebruikt sinds 2006 zijn ‘Capitolium'. Toen ik met hem samenwerkte was Unger al een professoraal type. Maar als het over lezen op papier gaat kan hij losbarsten in pure lyriek: ‘Lezen houdt niet alleen je ogen bezig, maar ook je handen: met omslaan, strelen, vouwen of scheuren. Krant, tijdschrift, boek, bundel, formulier of vel worden met de handen opgenomen, geopend, gedraaid, doorgegeven. Zelfs een prop ervan maken (..)kan bevrediging schenken'. (Unger in zijn boek ‘Terwijl je leest')
Ik moet veel aan hem denken omdat 2010 het jaar van het elektronisch papier zou worden. Met een doorbraak van e-readers (zoals de iLiad van IREX) die het gevoel geven dat je van papier leest, dankzij elektrisch geladen wit/zwarte microcapsules zonder de achtergrondverlichting van gangbare computerschermen. Dat komt doordat deze schermen het papier reflecteren zoals papier dat doet. Met (bijna) dezelfde kijkhoek en -zoals bij een boek- met de leeslamp erboven als het te donker wordt.
Maar in plaats van het e-book, krijgen we het i-book. Eén letter verschil, maar een historische tweesprong. Want waarschijnlijk gaat het merendeel van de mensen boeken en kranten lezen op de multimediale schermen van de tablets die straks door Apple, Google en Microsoft op de markt geduwd worden.

De beleving van letters kan ook uitlopen op pure sensualiteit.
Voordat ik nu onder curatele wordt gesteld, wijs ik op de ruiten van de Amsterdamse kroegen. Café Het Papeneiland, Café Biljart Amstelvaart, Café Slijterij Oosterling (Anno 1877) zijn beschilderd met letters die wulps over het glas heen dartelen. Nog tientallen andere drankgelegenheden in Amsterdam en wijde omstreken, waar wij straks onze epaper lezen, zijn beschilderd met het Leo Beukeboom-font . In een special van het blad Creatie (uitgave Adformatiegroep) zijn het juist buitenlandse ontwerpers die opkomen voor deze handgeschilderde Amsterdamse belettering. Amsterdammers zijn er zo aan gewend, dat ze de schoonheid ervan niet meer zien. Letterschilder Beukeboom (66) zit na een beroerte thuis. Zijn werk is aan de heidenen overgeleverd.
Maar Beukebooms rembrandtieke letterfont is nu de ‘Geheimtip' van de internationale typografenwereld.