Nu iets geks. De stralende fotografie op een app laat elk verlangen naar een fototijdschrift verdampen. Zeker met het retinabeeld van de iPad3. Dacht ik. Maar de slappe tabletapp van de nieuwe Nederlandse Vogue sleurt je direct naar de kiosk om de fotografie in ‘het écht’ te zien. In print.

Die onversneden bladbeleving is misschien het grootste compliment aan de makers van deze Nederlandse loot aan de stam van een van ’s werelds oudste tijdschriften. De nu 120 jaar oude titel Vogue heeft onder uitgever Condé Nast een zegetocht over de wereld gemaakt. Dat nu pas ‘Nederland Tijdschriftenland’ aan de beurt is kan twee dingen betekenen: óf is het eindspel van het papieren icoon Vogue, óf  het is ‘t begin van een nieuw kosmopolitisme binnen de Nederlandse spraakmakende gemeente.

Déja vue

Dat laatste mag uitgever Eric Blok van de Nederlandse Gruner + Jahr-tak, die op de Vogue-licentie heeft gejaagd, dan op zijn conto schrijven. Hoofdredacteur Karin Swerink en art director Miguel Gori hebben met drukker Henkes Senefelder een product in de schappen gezet dat onmiddellijk de herinnering oproept aan die legendarische VNU-uitgave Avenue. Het hoge woord is er uit: Vogue is een déja vue van Avenue. Maar een prettige.  

De lancering van Avenue in 1963, naar een idee van bladenmaker Joop Swart, bewerkstelligde dat Nederland in die kleine veertig jaar, van ‘63 tot  het nieuwe millennium, stijlvol en werelds werd. Met de combinatie van superieure, grensverleggende fotografie en avontuurlijke, intelligente journalistiek.

Was het ‘the closing of the Dutch mind’ waardoor Avenue ging kwakkelen? Of was het ideeënarmoede van uitgever en hoofdredactie? Eigenlijk was het succes in de jaren ’90 al over, toen de oplage van Avenue al bijna met de helft was terug gelopen. En het slotoffensief in 2001, waarbij het blad werd omgezet in een doos (noem het de Blije Doos voor de intelligentsia)  was meer een gedurfde vlucht naar voren dan een langzaam stervensproces.

Aan uitgeefbranie ontbrak het dus niet bij het toenmalige VNU/Sanoma-team, maar wel aan het vermogen om het Nederlandse Avenue-publiek iets voor te schotelen met dezelfde internationale ‘bon chic bon genre’-uitstraling, die Vogue 120 jaar lang wist te behouden.

Nederland raakte in de greep van de Miljonair Fair en van het ressentiment.

Gaat het blad Vogue dat nu allemaal veranderen?

Eerbetoon

Een beroemde Avenuenaam, die van stilist Frans Ankoné, keert nu terug in Vogue. Maar duidelijk als hommage aan deze icoon van lef + goede smaak. Net als het eerbetoon aan reizend  fotograaf Bertien van Manen en aan Inez van Lamsweerde, nu respectievelijk Grande Dame van de documentaire fotografie en helft van het wereldberoemde fotografenduo Inez van Lamsweerde/Vinoodh Matadin. Maar beiden maakten ooit naam in Avenue. En in een retrospectief van Nederlandse topmodellen in de Vogue treffen we ook heel wat intrigerende gezichten en volmaakte lichamen uit de Avenue.

Park

Maar als je nu Avenue terug zou willen, kun je met Vogue niet volstaan. Vogue is: interessante mensen en modefotografie, een delirische ode aan de modefotografie. Wat ontbreekt zijn de kosmopolitische journalistieke reportages en de literatuur. Of liever de schrijvers die destijds in Avenue een podium kregen. Je zou aan Vogue het format van het eveneens nieuwe tijdschrift Park moeten toevoegen om de polsslag van die grootstedelijke levensstijl, die Avenue in zich droeg, beter te treffen. Park viert het lange journalistieke verhaal. Minder elegant gestyled, maar superieur geschreven.

Hoeveel nostalgie kan een blog hebben? Een loflied op nieuwe tijdschriften. Een sneer naar een gemakzuchtige tabletapp. Een verwachting over wederopbloei van verdwenen kosmopolitisme. Soms is verlangen genoeg om verandering in gang te zetten.