Kranten hebben veel langer te leven dan velen denken. Dat stelde Erik van Gruijthuijsen in een gepassioneerd betoog tijdens de Mediafacts Nationale Uitgeefdag. Aan de hand van talrijke redactionele voorbeelden maakte de directeur journalistiek van De Persgroep duidelijk hoe vooral regionale kranten meer aansluiting kunnen krijgen bij de leefwereld van mensen die in een regio wonen. “Wij moeten terug naar de plekken waar het leven zich voltrekt. Laat het leven in al zijn volheid zien: eigenlijk is het niet meer dan dat.”

Van Gruijthuijsen verwees aan het begin van zijn verhaal naar Jeroen Smit, die tijdens de openingslezing van de Mediafacts Nationale Uitgeefdag stelde dat de dagelijkse papieren krant over vijf jaar niet meer bestaat. “Dat is aperte nonsens. Kranten hebben nog ten minste tien, misschien wel twintig jaar te leven, maar het gaat om de manier waarop we dat gaan doen. Trouw en de Volkskrant - twee kranten van De Persgroep - stijgen dit jaar in betaalde oplage, respectievelijk zes en zeven procent.”

In mei 2015 integreerde De Persgroep het AD met de overgenomen kranten van het voormalige Wegener: regiokranten als Eindhovens Dagblad, De Stentor en De Gelderlander. Terwijl De Persgroep volop studeert op digitale plannen voor ‘het transitiejaar 2016’, wilde het grootste mediabedrijf van de Benelux eerst het krantenbedrijf op orde hebben, zo liet Van Gruijthuijsen weten. “Al binnen Wegener, dus sinds 2014, zijn wij heel actief bezig om de toon en inhoud van onze regionale kranten te veranderen. We hebben nog heel veel te doen in ons krantenbedrijf, maar… we maken sprongen vooruit, want kijk eens wat hier stond!”:




Bron: Eindhovens Dagblad

“Nog niet zo lang geleden had hier gestaan: ‘PSV wint verrassend van Manchester United’. Dit is toch iets anders hè? Dít straalt uit dat Eindhoven gonsde! PSV had vijf jaar geen Champions League gespeeld, won van het Manchester United van Louis van Gaal en die stad zinderde. Het wás een stunt. Het Eindhovens Dagblad heeft die dag in alles laten zien te begrijpen wat er in die stad aan de hand was. Dat is de kern van wie wij, regionale kranten zijn. Wij zijn een bedrijf dat in het hart staat van de stad, in het hart van de provincie, gemeenten, dorpen of buurten, en wij durven dat te vaak slechts met de grootst mogelijke moeite te laten zien. Kranten maken - ook ik ben zo opgeleid op de School voor Journalistiek - bestond eruit om afstand te houden, om niet teveel te laten zien, om vooral geen emotie te laten zien. Maar waarom niet? Waarom zou ik in Eindhoven, in Twente, in Zeeland, in Utrecht geen trots mogen laten zien als ik het sentiment, het gevoel vertegenwoordig van een gebied waar ik verschijn? Wij zijn onderdeel van die gemeenschap. Ik woon daar, ik werk daar, mijn kinderen gaan daar naar school, die sporten daar. Waarom zouden wij de trots van de regio niet durven laten zien?”

Meer voorbeelden van vernieuwende journalistiek
Talrijke voorbeelden van hoe kranten beter kunnen wortelen in hun regio passeerden tijdens de lezing op 24 november in Utrecht de revue. Een selectie van beelden van publicaties, gevolgd door uitleg:


Bron: Eindhovens Dagblad/Brabants Dagblad en BN/DeStem

Op de verkiezing van het beste streekbier uit het eigen gebied kreeg het Brabants Dagblad in de woorden van Van Gruijthuijsen “een onwaarschijnlijke stroom reacties”. “We organiseerden deze verkiezing met onze Brabantse kranten, omdat streekproducten de trots zijn van steeds meer regio’s in Nederland. Mensen willen herkennen wat hen bezig houdt. Dit is daarvan een voorbeeld.”




Na de winst van Dafne Schippers op de 200 meter tijdens het WK Atletiek in Peking plaatste het AD een foto van de finishende Schippers over de gehele voor- én achterpagina van de krant. Van Gruijthuijsen: “Je kunt zeggen: ‘Dafne is van ons allen’. Nee, nee: ze is méér van het AD: van het AD Utrechts Nieuwsblad, want in die stad is ze geboren en getogen. Dit is wat je laat zien op een dag dat een vrouw die de krant al twee decennia volgt ons iets geeft wat we jarenlang niet hebben gehad, en we zijn er ongelooflijk trots op. We hebben er een advertentie op de achterpagina van de krant voor laten vallen, omdat we dit moment wilden vieren met onze lezers.”




De serie ‘De helden van het onderwijs’  is misschien wel het beste visitekaartje van de nieuwe aanpak die Van Gruijthuijsen op de regionale krantenredacties predikt: “Het lijkt een cliché, maar geef mij eens de kost van de kranten die nog altijd vol staan met feiten, instituties, rapporten en - met wat ik altijd noem - gedoe. Ik zeg altijd: ‘Laat de feiten spreken, maar laat het door mensen doen.’ Wij, regionale kranten, moeten de wereld laten zien die onze lezers omringt. Dat gaat eigenlijk alleen máár om mensen. In dit geval hebben we eerst geprobeerd - onder meer via een enquête en onderzoeken - om de staat van het basisonderwijs in Nederland vast te stellen en uit te leggen aan onze lezers. Wat is er aan de hand en wat vinden we ervan? Hoe belangrijk is hoofdrekenen en hoe zit het met taal? Moeten we Chinees leren en moeten we aan de iPads? Een zeer relevant onderwerp, waarmee we ook landelijk nieuws maakten in andere media. Maar we wilden voorkomen alleen maar te vervallen in rapporten en gedoe ‘over’. Dit - zie bovenstaande foto, red. - was het succes van ons onderwijsproject: het interviewen en het portretteren van mensen die onze kinderen tot wereldburgers maken, die onze kinderen elke dag doceren over hoe het leven in elkaar steekt. Mensen die worden herkend op straat door honderden mensen die op de school hebben gezeten of die hun kinderen erheen sturen. Mensenverhalen. Foto’s in de krant moeten gaan over mensen, over herkenbaarheid.”

Naar een betere mix
Toch blijft het voor De Persgroep nog wel enige tijd een uitdaging: een vorm van journalistiek waarbij veel meer tot in de haarvaten van de maatschappij wordt doorgedrongen. Van Gruijthuijsen legde uit hoe journalisten - ook hijzelf - heel anders zijn opgeleid. “Wij moesten de wereld beschouwen, recenseren en vooral afstand houden. Ik geloof daar niet meer in, daarmee kunnen we niet meer volstaan. Voor het misverstand ontstaat: dit is geen verhaal om een krant alleen maar optimistisch te maken. De krant heeft de mix van kritisch zijn, analytisch zijn en van: de wereld tonen zoals hij is. Maar: iedereen kent de onderzoeken waarin lezers zeggen: als ik de krant doorblader, dan zie ik alleen maar horreur, ellende; alleen maar de problemen uitvergroot. Maar waarom zie ik zo weinig van datgene wat ik zo graag wil zien? Successen, inspiratie!”

"Knop van veel journalisten moet om"
En dus moet er bij veel journalisten een knop om, aldus de directeur journalistiek van De Persgroep: “Als sociale media ons iets duidelijk maken, dan is dat wel dat de meeste mensen vrolijk in het leven staan. Zij hebben in het gechagrijn, gezuur en het gezeik van journalisten geen zin. Zij vinden ons te zeer het haar in de soep. Natuurlijk laten wij zien wat de gevolgen zijn van de stroom aan vluchtelingen. Juist in de regio zijn die gevolgen enorm. We besteden er pagina’s aan. Maar met de focus op ménsen. We laten ze nog teveel in rubrieken zien, op een vaste plek waar het gekaderd is, bijna zodat je het als journalist niet vergeet te melden. Je kunt zeggen: we zijn op weg, maar ik wil dat deze dingen een integraal onderdeel zijn van de krant en van het dagelijkse journalistieke denkproces. Dat bestaat eruit dat het glas per definitie halfvol is, dat je zin hebt om die krant te maken en dat lezers zich erop verheugen om die krant te lezen.”

Om te komen waar hij wezen wil, zal Van Gruijthuijsen nog vaak de Nederlandse snelwegen doorkruisen op weg naar overleggen op krantenredacties, van Zeeland tot Overijssel. Nog meer verduidelijkend hoe het anders moet: “Kranten schrijven heel graag over gemeentehuizen, voedselbanken, drugsopvangcentra en andere plekken waar zich de zorgen zich opstapelen, de nota’s verschijnen en waar professionals persberichten percipiëren. Die gooien ze er per strekkende meter uit en die tikken wij dan grotendeels over. Wij moeten terug naar de plekken waar het leven zich voltrekt, zeker in de steden en zeker in de gemeenten. Terug naar de plekken waar mensen graag komen, waar mensen elkaar zien. Dat zijn sportvelden, scholen, dat zijn alle plekken waarvan we kennelijk vergeten zijn dat ze er zijn, omdat we denken dat die computer ons alles biedt wat we nodig hebben.”




Simpelweg het leven laten zien
Erik van Gruijthuijsen (ex-Parool en ex-ANP) eindigde zijn verhaal tijdens de Mediafacts Nationale Uitgeefdag met het voorbeeld van een nieuwe - commercieel geëxploiteerde - serie ‘Hart voor uw Stad’, waarin winkels centraal staan. “Winkels die in onze kranten bijna per definitie worden geassocieerd met: ‘Het is commercieel dus we doen het niet’, ‘Ze staan leeg want we shoppen online’ en ‘Ze verpesten het straatbeeld’. Terwijl winkels voor heel veel mensen een leuke plek zijn. Ze gaan erheen, ze lunchen wat, ze kunnen wat passen. En winkels bepalen bij uitstek de sfeer en het leven in een dorp of in een stad. En daar hebben wij dan geen belangstelling voor? De discussie die wij - marketing, sales en ik - hebben moeten leveren om deze serie in al onze regionale kranten te starten, daar gingen echt twee vergaderingen over heen. De serie loopt nu en, geloof het of niet, iedereen is erg enthousiast. Maar het is iets waarvan wij vergeten zijn om het op te schrijven. Laat het leven in al zijn volheid zien, eigenlijk is het niet meer dan dat. Als wij dat doen, dan ben ik ervan overtuigd dat onze regionale kranten misschien niet kunnen groeien in oplage, zoals de Volkskrant en Trouw, maar toch zeker de oplage kunnen stabiliseren. Want kranten hebben nog veel langer te leven dan we allemaal denken.”

Kort video-interview met Erik van Gruijthuijsen
Wim Danhof (hoofdredacteur Mediafacts) interviewde Erik van Gruijthuijsen kort na afloop van zijn lezing tijdens de Mediafacts Nationale Uitgeefdag. "Onze kranten zijn ongelooflijk dominant in de gebieden waar ze verschijnen." Bekijk hieronder de video (2 minuten):