Eén keer per jaar is Bladen in De Balie onderdeel van De Mediafacts Nationale Uitgeefdag. De sessie vorige week -‘Bladen in Den Haag' - stond in het teken van de opiniebladen: hoe zetten Vrij Nederland, De Groene Amsterdammer, Elsevier en HP/De Tijd digitale kanalen in? Aanleiding was het besluit van Vrij Nederland om de Mercur d'Or/LOF-prijs voor Publiekstijdschriften in te zetten voor de stimulering van de digitale ontwikkeling van het weekblad.

Vier directe concurrenten
Behalve Vrij Nederland's hoofdredacteur Frits van Exter namen deel: René van Rijckevorsel, adjunct-hoofdredacteur van Elsevier en verantwoordelijk voor internet, Frank Poorthuis, hoofdredacteur van HP/De Tijd, en Teun Gautier, uitgever van De Groene Amsterdammer. Het panelgesprek tussen deze vier directe concurrenten werd geleid door Peter Luit.

Learning by doing
De opiniepers is wat de digitale kanalen betreft learning by doing. Gautier sprak over een lange periode van experimenteren. Poorthuis was blij gehoord te hebben dat Google het ook niet weet. Van Rijckevorsel onthulde dat de ideeën van de website als winstmachine bij Elsevier al snel plaats moesten maken voor meer realisme; en Frits van Exter zei badinerend "geen idee" te hebben wat aan te moeten met internet.
Hij experimenteert met een gratis bijlage: de Mediagids. Daarin selecteert de redactie de beste online bronnen bij het nieuws van de week. Deze poortwachtersfunctie is volgens Van Exter "het begin van een concept dat interessant kan zijn voor deze doelgroep".

Integrale propositie
Voor de opiniebladen dienen de websites uiteenlopende doelen binnen de crossmediale mix. Voor De Groene vormt de website "een versteviging van de integrale propositie", aldus Gautier. Poorthuis: "We doen online iets heel anders dan in het blad. Die eigen content leidt wel tot meer bezoek, maar helaas niet tot meer conversie."

Elsevier heeft gekozen voor het brengen van nieuws naast de opiniërende functie van het blad. Elsevier komt met de site "uit de kosten", waar in 2004 nog werd gedacht aan een opbrengst van 20 miljoen euro per jaar. De inkomsten zijn behalve uit advertenties vooral afkomstig van productverkoop. Van Exter vindt internet vooral een makkelijk en prettig servicemiddel, waarvan het redactionele bestaansrecht nog bewezen moet worden.
Groene-uitgever Gautier is zeer stellig als het gaat om online businessmodellen: "Het is een illusie dat we de dalende printomzet kunnen compenseren. Dat gaat niet gebeuren!" Alleen high volume titels kunnen volgens hem online geld verdienen met advertising proposities.

Buikpijn van reaguurders
Over de inzet van social media en het interacteren met de doelgroep lopen de meningen uiteen, ondanks dat de kracht van de opiniepers volgens Gautier "het discours" is, waarvan deze weekbladen het aanjagende centrum behoren te vormen.
De online reactiemogelijkheid vormt voor Van Rijckevorsel zelfs een "buikpijnfactor": "Het trekt publiek dat je eigenlijk niet op je site wil hebben." Gautier: "Wij brengen verdieping en achtergronden en blijven op zoek naar de juiste wijze om verhalen van drie- tot vierduizend woorden te kunnen brengen. We moeten ervoor waken om in het stramien van Nu.nl terecht te komen."

Van links naar rechts op de foto: Teun Gautier (De Groene Amsterdammer), Frank Poorthuis (HP De Tijd), Frits van Exter (Vrij Nederland) en René van Rijckevorsel (Elsevier), tijdens de paneldiscussie van Bladen in Den Haag. - Fotocredit: Rogier Bos.