Het kan verkeren: leed de Groene Amsterdammer in 2007 met 13.000 abonnees nog verlies, nu staat de teller op 20.000 abonnees en wordt er winst gemaakt. In een interview in de december-editie van het magazine Mediafacts legt uitgever Teun Gautier (geheel links op de foto) uit hoe het opinieweekblad onder zijn leiding uit de as is herrezen. Een voorproefje.

“Een blad voor de intellectuele maatschappelijk voorhoede”, zo kwalificeert Teun Gautier De Groene Amsterdammer. Waar veel uitgevers gaan besparen op onder meer redactiekosten wanneer titels verlies draaien, daar deed Gautier in 2007 het tegenovergestelde. Vanuit de overtuiging dat ‘De Groene’ - in zijn woorden -  “ondergeëxploiteerd” was, investeerde hij in het blad, de extensions en de marketing. Niet beknibbelen op redactiekosten en hard werken om de omzet te doen stijgen.

In Leiden maar 300 abonnees...
“Zo ontdekte ik dat we in Leiden slechts 300 abonnees hadden. Dan hebben we het over een universiteitsstad met ook nog eens een academisch ziekenhuis. Je moet dan zorgen dat de doelgroep in ieder geval via een lage drempel kennismaakt met je blad. Na de eerste successen hebben we de abonneewerving landelijk geïntensiveerd met natuurlijk nadruk op de universiteitssteden. We houden zo’n 10 procent vaste abonnees over van de oorspronkelijke gratis abonnementen en we weten dat de levensduur ervan veelal erg lang is.”

Vanaf 2012 veel meer verkooppunten
Tot nog toe heeft De Groene een bescheiden losse verkoop van zo’n 2.000 exemplaren. De overgang eind dit jaar van distributeur Aldipress naar Betapress zal dit getal kunnen doen stijgen, want het aantal verkooppunten gaat hierdoor van 900 naar 2200. Gautier heeft de ambitie ooit tot een oplage van 25.000 te komen (“we zijn nu al groter dan HP/DeTijd”), wat ook aantrekkelijker is voor de advertentiemarkt.

Geen bedelbrief, wel crowdfunding
Het gaat met De Groene Amsterdammer zelfs zo goed dat men met Kerst niet meer hoeft te bedelen om de redactie te kunnen betalen. Toch blijft Gautier denken in termen van crowdfunding: “We gaan een bijdrage vragen om grote onderzoeksprojecten te starten in de vorm van masterclasses onder leiding van Marcel Metze.”